https://geng.nl/inspiratie/interview-met-arthur-ham/
Günther + Van Grinsven

Interview met Arthur Ham - Santa Maria

"Mijn droom? Dat ik geen twintig jaar meer hoef."
Interview met Arthur Ham
Country Manager Benelux  Santa Maria, maart 2013

Evelyn Günther is columniste van FoodPersonality en wisselt de rubriek maandelijks met Josceline Bogaers. Evelyn interviewt directieleden en senior managers uit de FMCG over hun visie op leiderschap, hun dromen en hun ergernissen. Dit keer: Arthur Ham, Country Manager Benelux bij Santa Maria.

Je vertelde me in de aanloop naar dit gesprek dat je ouders een supermarkt hadden.
Ja. Mijn vader heeft de bedieningswinkel van mijn opa in Vlaardingen overgenomen en heeft er een kleine supermarkt van gemaakt. Dat heeft hij uitgebreid naar een eigen keten met tien kleinschalige discountwinkels, ‘Ham de Treffer’. En later werd het ‘Treffer Discount’. We hadden voor hetzelfde geld nu Superunie-lid kunnen zijn, maar dat is ‘m niet geworden.

 

Waarom niet?
De winkels waren nooit meer dan 400 m2 vvo, te klein voor een discountformule. Op een gegeven moment heeft hij de winkels kunnen verkopen aan Boon. Anderhalf jaar daarna is mijn vader Albert Heijn-franchiser in Oudenbosch geworden. Dat was een hele omslag, waar ik altijd veel bewondering voor heb gehad. Dat hij in staat was om vanuit z’n eigen toko met tien discountwinkels te veranderen naar een Albert Heijnserviceformule op franchisebasis. Dat is heel wat anders. En dat heeft hij heel goed gedaan.

 

Heb jij de winkel over willen nemen?
Ik was nog te jong en de winkel groeide ontzettend hard. Er werd een winkelcentrum gebouwd, waar hij een nieuwe winkel kreeg. Eind jaren negentig heeft mijn broer de winkel overgenomen. Dat heeft hij nog een paar jaar gedaan, de zaak is inmiddels niet meer in handen van de familie. Mijn vader is gestopt toen mijn broer het overnam. Hij is gaan genieten van het leven, veel gaan reizen met mijn moeder.

 

Mexicaans, Thais… jullie zijn een Zweeds bedrijf.
Ja, een Zweeds familiebedrijf. Ons bedrijf heeft de Tex-Mex-keuken in begin jaren negentig ‘ontdekt’. De oprichters kwamen erachter dat deze keuken op het gebied van kruiden een interessante markt was voor Europa. Dat zijn ze ook enorm gaan uitbreiden, ze hebben er veel in geïnvesteerd. Inmiddels is het in Zweden ‘Friday taco day’.

 

Hoe hard werk je?
Ik zit ‘s ochtends om zes uur in de auto en ik rij zeven uur ’s avonds weer naar huis. Niet iedere dag, hoor. Ik heb thuis een keer de afspraak gemaakt dat ik op maandag, dinsdag en donderdag na de spits wegrij. Op woensdag en vrijdag ga ik meestal tussen twee en drie uur naar huis. Dat wordt wel steeds moeilijker, door alles waar we mee bezig zijn.

 

Wat drijft jou zo voort?
In ons bedrijf werken we met drie waarden, ‘stay curious’, ‘grow together’ en ‘strive for excellence’. Die laatste, die zit gewoon ín mij. Daarom wil ik ook alle kansen oppakken. Mijn vader en moeder hebben allebei altijd keihard gewerkt. Het ging thuis ook altijd over de zaak. Als ik voor een opdracht sta, dan stel ik alles in het werk om dat af te maken.

 

Je hebt een broer en zus, zei je me. Zijn die ook de commerciële kant op gegaan?
Ik heb een oudere zus die het onderwijs is ingegaan. En mijn broer heeft wel een tijdje de winkel van mijn vader gerund, maar hij is nu chauffeur op een ambulance.

 

Is kruiden verkopen dan wel belangrijk in het leven?
Ik zie het niet als alleen ‘kruiden verkopen’. Ik zie het als een bedrijf laten groeien en met het team aan de gang gaan en mezelf daarmee laten groeien. Dat vind ik leuk. Mijn doelgerichtheid zorgt ervoor dat ik het op die manier bekijk. Ik vind de dynamiek van de markt leuk.

 

Je bent 46. Nog 20 jaar. Heb je een droom voor die twintig jaar?
Dat ik geen twintig jaar meer hoef.

 

Vind je het gek dat je nu pas op de helft zit?
Ja. Daar moet je niet te lang over nadenken. Toch is het goed om de langere termijn te plannen en de regie te houden. Ik heb nog niet het eindplaatje voor mezelf kunnen bepalen. Maar ik heb nog zoveel energie dat ik voorlopig nog lekker door kan.

 

Heb je een droom?
Nou, de droom om het eens een keer op een andere manier aan te pakken, die is er ergens wel. Maar niet concreet. Ik bedoel, zoals ik nu bezig ben, met de uren die ik mezelf opleg, ga ik het niet eens volhouden tot mijn 65e.

 

 

 

Maar wilde jij geen retailer worden?
Jawel, daar was ik heel serieus mee bezig. Ik heb mijn mmo gehaald en daarna de heao logistiek met retailmanagement. Op het einde besloot ik toch wat van de wereld te zien. Ik dacht: ‘Anders zit ik vast aan één winkel, en ik wil toch proberen wat breder te kijken.’ Ik ben naar Unilever gegaan als logistiek operationeel planner bij Lever in Capelle aan den IJssel. Na tweeënhalf jaar ben ik naar sales gegaan. Na acht jaar bij Unilever ging ik naar Nestlé, in Zwijndrecht, maar uiteindelijk had ik niet zoveel affiniteit met diervoeding. Toen werd ik gebeld om bij Unilever terug te komen, maar dan bij Iglo. Daar heb ik tot 2006 gewerkt. Toen Iglo verkocht werd, ben ik meegegaan met Iglo.

 

Waarom ging je naar Santa Maria?
Ik had moeite met de private equity-gedachte van Iglo, in zoverre, de manier waarop dat aangestuurd wordt. Voor mij was een kleiner bedrijf met net zo’n brede rol een perfecte combinatie. Die kans kreeg ik bij Santa Maria, in 2010. Het omvat ondernemerschap. In de beginfase had ik Leo de Wit, degene die ik opvolgde, aan mijn zijde. Hij is nu in Zweden, dus nu moet ik het echt zelf doen. Ik doe nu veel wat ik in al die jaren ervoor niet deed. Bijvoorbeeld mensen aansturen, category management en trade marketing, maar ook marketing. Vanuit mijn salesbaan stuurde ik altijd wel een of twee mensen aan, maar nu zitten we met een clubje van tien mensen, verschillende disciplines en internationaal. Ik heb een Engelse baas gehad en een Noorse baas die in Schotland woont en in Zweden werkt. Dat betekent ook dat de aansturing anders is.

 

Wat vind je moeilijk?
De uitdaging is om met het team grote stappen te zetten en de teamgenoten mee te nemen in mijn gedachtegang en waar we naartoe moeten. We hebben een heel leuk en energiek team, met verschillende persoonlijkheden, wensen en ambities. Ik moet zorgen dat we met z’n allen dezelfde richting uit gaan en groei realiseren. Dat is best wel wennen. Ik zie zo veel mogelijkheden tegelijk en moet eigenlijk beter prioriteiten stellen. De categorie Mexicaans is inmiddels een mooie markt geworden. We noemen het ook geen niche meer, het staat nu op € 47 miljoen en het groeit met 10% per jaar. We boren nu ook de markt van kruiden aan, waar natuurlijk wel al volop activiteit is. Daarnaast zien we goede mogelijkheden om in Thaise maaltijden vorm te geven.

 

Wat zou je willen veranderen?
Ik krijg veel energie van mijn werk, maar op vrijdagavond gaan de luikjes wel vroeg dicht. Doordeweeks ook wel eens, hoor. Ik zou best nog wel tien jaar in deze richting kunnen werken, maar ik moet wel iets veranderen aan de manier waarop ik het doe. Als het lukt, ben ik voor meer output en minder inspanning. Dat is waar we naartoe moeten. We leveren veel, maar het kost ook veel tijd en moeite voor de mensen. En daar ben ik zelf debet aan.

 

Hoe kijk je tegen de handel aan?
De sfeer tussen leveranciers en retailers is zakelijker geworden. Wij willen graag investeren in de markt, in de groei van de categorie. Het is tegenwoordig focus op bottomline-resultaten. Het is prima als je dit jaar iets wilt investeren, maar het moet ook dit jaar iets opleveren. Als je naar de historie van Santa Maria kijkt, dan hebben wij heel veel geïnvesteerd in de Tex-Mex-markt, en daardoor is die categorie ook gigantisch gegroeid.

 

Lukt het om nu ook een positie in de kruidenmarkt in te nemen?
We hebben nu volledige distributie bij Emté. Over het algemeen horen we positieve reacties. Wat mooi is, is dat we van de consumenten terughoren dat de kwaliteit erg goed is, met name de molentjes. Wij werken vanuit een clean label-gedachte: zo min mogelijk kunstmatige toevoegingen bij de kruiden. De consument moet wel wennen, bijvoorbeeld dat onze muskaatnoten in een potje zitten in plaats van in een zakje. Daarom hebben mensen in eerste instantie even moeite om het te vinden. De retailer kijkt misschien op tegen ombouw van het kruidenrek, maar onze visie is dat kruiden niet anders hoeven te zijn dan de rest van dkw. Als je maar zorgt dat het overzichtelijk blijft. Want waarom is een zakje gehaktmix anders dan een zakje Knorr- of Honig-mix?

 

Waar erger jij je aan?
De rituele dans rondom jaargesprekken en condities. Driekwart jaar doen we goed zaken met elkaar als leverancier en retailer en dan probeer je in één kwartaal de ander bij wijze van spreken zwart te maken over dingen die allemaal niet goed zijn gegaan of over condities. Of er worden standpunten ingenomen die heel ver uit elkaar liggen om maar ergens in het midden uit te komen.

 

Hoe zou je dat dan willen?
Ik besef dat het heel moeilijk is om dat te veranderen, maar wat ik zou willen is dat we samen kijken naar wat de kansen zijn, waar we mogelijkheden zien. Ik zei het al eerder, als je ziet dat we echt in een groeicategorie zitten en dat de rendementen hoog zijn, dan moet je elkaars tijd toch niet verdoen met het elkaar moeilijk maken en bij wijze van spreken die laatste tiende procent er nog uit willen persen. Die kun je drie keer terugverdienen als je lekker doorgaat met de business. Dat kan veel efficiënter.

 

Praat je daar ook over met retailers?
Ja, maar daar krijg ik weinig reactie op, want ‘zo gaat het nu eenmaal’. Er zit wel verschil in de reacties en in de erkenning dat je met elkaar iets moois aan het bouwen bent. Sommigen blijven erg in het stramien hangen van hoe het met alle leveranciers gaat. Het is wel prettig om te merken dat er soms wel beweging in zit.

© 2018 Günther + Van Grinsven - Dorpsstraat 74 3732 HK De Bilt - info@geng.nl - 030 63 509 63