https://geng.nl/inspiratie/interview-met-carin-van-leeuwen/
Günther + Van Grinsven

Interview met Carin van Leeuwen - Arla Foods

"Ik kan heel slecht tegen ontwijkend gedrag, laksheid en onzorgvuldigheid."
Interview met Carin van Leeuwen
Sales Director  Arla Foods, januari 2010

Evelyn Günther is columniste van FoodPersonality en wisselt de rubriek maandelijks met Josceline Bogaers. Evelyn interviewt directieleden en senior managers uit de FMCG over hun visie op leiderschap, hun dromen en hun ergernissen. Dit keer: Carin van Leeuwen, sales director Arla Foods.

Je zit al bijna 25 jaar in het vak. Wat heb je allemaal gedaan?
Op mijn 21e rondde ik de HEAO af en begon ik bij een zuivelbedrijf in Zuid-Oost-Azië. In Nederland ben ik vervolgens een jaar later bij Coberco gaan werken en sindsdien heb ik niet meer gesolliciteerd. Ik heb steeds nieuwe sales jobs gehad binnen verschillende onderdelen van min of meer hetzelfde bedrijf: Riedel, Nutricia, Riedel, Friesland Foods en toen kwam de overname door Arla.  

 

En nu ben je weg bij Friesland Foods. Daar heb je lang gewerkt. Hoe gaat het nu?
Bij de fusie tussen Friesland Foods en Campina is de vestiging in Nijkerk aan Arla Foods verkocht. Nu werk ik daar als verkoop directeur en dat bevalt me heel goed. Ik ben samen met mijn marketingcollega verantwoordelijk voor het commerciële beleid. Er is veel gebeurd in het afgelopen jaar in zuivelland wat niet voor iedereen duidelijk is.  Nu heb je wel een mooie gelegenheid om ons te vertellen hoe de vork precies in de steel zit. Het belangrijkste is dat er door de fusie een aantal bedrijfsdelen afgestoten moesten worden, waaronder dus de fabriek voor dagverse zuivel in Nijkerk. De voorwaarde was dat die in zijn geheel over moest gaan, met de mensen, produkten en de merken. Daardoor zijn de veranderingen niet zo heel groot. Onze concurrentiepositie is niet gewijzigd. Het Friesche Vlag merk mogen we nog lange tijd gebruiken en de labels zoals Milk&Fruit en Breaker zijn ons eigendom.

 

Heb je daar geen last van?
Dat we het Friesche Vlag merk in licentie hebben is wel eens lastig, maar voor de business en consument is het goed dat de vertrouwde producten gebleven zijn. Binnen Arla Foods zijn we zeer actief met het Friesche Vlag merk met veel vernieuwing en ondersteuning het afgelopen jaar. Daarnaast gaan we in 2010 ook nieuwe producten onder het Arla merk binnen dagvers op de markt te zetten. Dat is voor mij een enorme uitdaging die mijn werk leuk maakt. Hoe vaak krijg je nu de kans om een nieuw en een nieuw bedrijf te introduceren: Arla staat voor duurzaam ondernemen met respect voor mens, dier en milieu. Dit is zowel zakelijk als persoonlijk een enorme uitdaging.  

 

Heb je geen concurrentie van private label?
Private label heeft een groot en stijgend marktaandeel, maar we zien zeker mogelijkheden voor onze merken. Arla is echt een dagversbedrijf dat met merken bezig is, maar ook private labels maakt. In Nederland hebben we veel ideeën voor nieuwe producten die we ook gaan ondersteunen. De rol van ons team is daardoor anders dan voorheen bij Friesland Foods. Nu zijn we echt een zelfstandige unit. Dat geeft andere dimensies dan voorheen. 

 

Zie je veranderingen in de markt aan retailzijde?
De markt verhardt steeds meer en de onderlinge concurrentie tussen retailers neemt toe. Als fabrikant gaan we een zware periode tegemoet. Straks zitten we nog maar met drie partners om de tafel, die alle drie de laagste prijs willen. Het wordt een uitdaging om die traditie te doorbreken.  

 

Wat vind je van het huidige marktklimaat ten opzichte van je beginjaren, bijna 25 jaar geleden?
Vroeger was de omgang prettiger. Men gunde elkaar meer. Nu wisselen mensen vaker van bedrijf en wordt hun binding daarmee minder. Dat vind ik wel eens jammer. Aan de andere kant zie ik ook wel een mooie uitdaging in de scherpe onderhandelingen van nu. Feitelijke argumenten zijn belangrijker geworden. Daardoor wordt de professionaliteit groter. Voorheen werden besluiten wel eens op irrationele gronden genomen, meer op basis van onderlinge relaties.  

 

Hoe hebben jullie de organisatie daarop aangepast?
Het belangrijkste is dat we marketing en trade marketing uitgebreid hebben met category management. Nu zijn we bezig een kwaliteitsslag binnen sales te maken. Daarnaast willen we binnen de introductieprogramma’s meerdere merken met elkaar kunnen combineren, zodat we gemakkelijker kunnen schakelen. Ik heb er alle vertrouwen in. Na een lastige periode komt altijd een betere. Ik hoop alleen dat samenwerkingsverbanden van retailers werkbaar blijven. 

 

Wat wil je zelf in de toekomst nog doen? Blijf je dan dit werk doen?
Momenteel vind ik er veel voldoening in. Mijn droom is om te stoppen met werken en de wereld rond te reizen, zodra mijn kinderen (nu 10 en 14 jaar) me niet meer zo nodig hebben. Tot die tijd wil ik wel op een leuke manier blijven werken en succesvol zijn. Wellicht ga ik wel iets totaal anders doen; ik weet het nog niet precies. Ik wil alleen niet keihard buffelen om daarna eerder te kunnen stoppen. Veel mensen stellen hun mooie plannen uit tot na hun pensioen, maar voor mij moet het wel nu gebeuren. Daarvoor zijn er te veel mensen om me heen weggevallen, zoals mijn vader die vroeg overleden is. Voor je het weet, is het te laat. Ik heb nog geen duidelijk omlijnd idee over wat ik zou willen, maar ik denk soms dat ik wel meer voor anderen zou kunnen betekenen.

 

Waar komt dat door?
Door de ambitie van Arla Foods om leidend te zijn binnen dagverse zuivel. De rol van dagvers is heel groot, terwijl Friesland Foods daar geen nadruk op legde en er de laatste jaren nauwelijks in investeerde. Commercieel gaf me dat destijds weinig energie.  

 

Je had het niet meer naar je zin bij Friesland Food?
Nu heb ik meer uitdaging en dat is voor mij heel belangrijk op mijn werk, maar ook privé.

 

Waar heb je toen je uitdaging in gezocht?
In meer rust voor mezelf en een goede balans tussen werk en privé. Ik besteedde meer tijd aan mijn kinderen. Daarvoor, in mijn ‘tropenjaren’, werkte ik wel 60 tot 70 uur in de week. Inmiddels maak ik meer keuzes.  

Wat ben je anders gaan doen om die balans te krijgen?
Ik doe niet meer alles zelf. Ik heb geleerd om taken beter te delegeren. Voorheen had ik wel account managers onder me, maar was ik zelf nog aanwezig bij veel gesprekken. Nu denk ik meer na over de juiste visie en strategie en laat ik operationele zaken meer aan mijn team over. Zij vinden het fijn als ze meer verantwoordelijkheid krijgen en zo kan ik meer tijd aan de ontwikkeling van het bedrijf besteden.  

 

Je hebt dus een ander inzicht gekregen bij het leiding geven.
Ja, dat is in de loop der tijd gekomen. Vroeger had ik het idee dat ik alles zelf het beste kon, maar als je goede mensen om je heen verzamelt, kun je gerust veel aan hen overlaten. Daar moest ik eerst wel achterkomen. Ik ben een groot voorstander van het zelf ervaren. Een coach had me van tevoren wel kunnen vertellen dat ik meer zou kunnen delegeren, maar ik ben wel zo eigenwijs dat ik dat zelf wil uitvinden.  

 

Hoe is de verhouding tussen je privé en werk?
Toen mijn kinderen klein waren, werkte ik veel meer, maar daar hadden ze nog weinig last van. Nu probeer ik er wat vaker voor ze te zijn en op donderdag en vrijdag zijn ze bij mijn ex-man. Dat geeft mij veel vrijheid. De kinderen vinden het wel eens lastig natuurlijk, maar over het algemeen zijn ze er trots op dat ik zo’n goede baan heb en zien ze daar de voordelen wel van in. De laatste jaren ben ik met ze op reis geweest naar China, Namibië en Zuid-Afrika. Zelf heb ik een grote passie voor reizen en ik ben blij dat ik dat aan mijn kinderen kan meegeven.  

 

Waar erger je je aan als leidinggevende?
Ik kan heel slecht tegen ontwijkend gedrag, laksheid en onzorgvuldigheid. Sommige mensen willen of durven dingen niet op te pakken. Dan kan ik heel onhebbelijk worden en ga ik hem of haar daarmee confronteren. Karakters kun je alleen niet altijd veranderen. Het is vaak al goed om, met respect, iemand ervan bewust te maken en het te accepteren. Door zulke dingen bespreekbaar te maken, verbetert de samenwerking vaak al. Laksheid klinkt heel negatief, maar meestal gaat het meer om onmacht en onzekerheid dan om desinteresse.  


Wat zijn volgens jou de succesfactoren van een goede manager?

Een manager hoort een duidelijke visie te hebben en verantwoordelijkheden te kunnen delegeren. Helder communiceren is ook heel belangrijk. Dat is niet altijd even gemakkelijk. Je moet mensen informeren en motiveren, maar hen ook ergens op aan kunnen en willen spreken. Het is niet goed als managers alleen met hun eigen taken en problemen bezig zijn. Momenteel bespreken we binnen ons hele team de visie en strategie van het bedrijf en daar wordt iedereen enthousiast van.  

 

Heeft de grootte van een bedrijf daar ook mee te maken?
Ja, hoe kleiner het bedrijf, hoe collectiever je met beleid en visie bezig kunt zijn, denk ik. Ik vind het ook leuker om leiding te geven aan een kleinere unit, omdat ik dan het gevoel heb dat ik er echt toe doe. En dan hoop ik dat de mensen in mijn team van me kunnen leren en dat ik hen inspireer en enthousiast maak.  

 

 

© 2018 Günther + Van Grinsven - Dorpsstraat 74 3732 HK De Bilt - info@geng.nl - 030 63 509 63