https://geng.nl/inspiratie/interview-met-eugene-scholten/
Günther + Van Grinsven

Interview met Eugene Scholten - Bakkersland

"Ik heb me wel eens afgevraagd: wat doe ik hier?"
Interview met Eugene  Scholten
Algemeen Directeur  Bakkersland, juni 2012

Evelyn Günther is columniste van FoodPersonality en wisselt de rubriek maandelijks met Josceline Bogaers. Evelyn interviewt directieleden en senior managers uit de FMCG over hun visie op leiderschap, hun dromen en hun ergernissen. Dit keer: Eugene Scholten, Algemeen Directeur Bakkersland.

 

Waar kom je vandaan?
Uit Nijmegen. En mijn ouders komen uit de Achterhoek. Mijn vader was de zoon van een onderwijzer en mijn moeder komt uit een ondernemersgezin. Mijn vader had het altijd over prestaties en was kritisch. Hij was inspecteur bij de Veterinaire Inspectie en daarna heeft hij leiding gegeven in slachthuizen. Hij was continu met verbetering en regelgeving bezig. Mijn moeder is juist het tegenovergestelde. Zij zat meer op de relatie en meer aan de ondernemerskant. Ik ben een mix daarvan, aan de ene kant het ondernemende, plezier willen maken, het grote kind in mij moet kunnen spelen, en aan de andere kant wil ik resultaten boeken. We hebben bepaalde regels nodig, het is niet alleen maar ‘vrijheid, blijheid’.

Hoe begon je carrière?
Ik heb in Rotterdam bedrijfskunde en marketing management gestudeerd. Na mijn studie had ik het geluk dat ik bij United Biscuits mijn eerste baan kreeg, in Londen. Aan de andere kant van de plas heb ik, samen met Richard den Hollander, prachtige jaren gehad. Mijn loyaliteit zat me een beetje in de weg, omdat United Biscuits me de kans gaf om me te ontwikkelen. Toen klopte Douwe Egberts op de deur. Daar ben ik in de verkoop gegaan; voor koffie en thee. Daarna werd ik sales manager en general manager bij Duyvis. In 2004 hebben we onze koffers gepakt en zijn we voor Sara Lee naar Australië vertrokken.

We? Jij en je vrouw?
Ja, ik ben getrouwd met Mariëlle en we hebben drie kinderen, die toen twee, vier en zes waren. Mariëlle is een belangrijke inspiratiebron voor mij en ons gezin vormt een hechte eenheid. We hebben zes jaar met veel plezier in Australië gewoond. Bij Aussies is het glas altijd halfvol, doemdenken kennen ze niet. Dat spreekt me natuurlijk aan. Juist als mensen zeggen dat iets niet lukt, zie ik daar een uitdaging in, wil ik mensen daarin meenemen en wil ik dat ze er uiteindelijk zelf in gaan geloven. Maar je moet ook af en toe de tijd nemen om achterom te kijken. Soms moet je je ervan bewust zijn hoe je als bedrijf of individu bent gegroeid. In Australië deden we dat symbolisch. We maakten bijvoorbeeld een tocht omhoog, naar een vuurtoren. Voor sommigen was dat een behoorlijke klim. Mensen vroegen zich af waar ze het voor deden. Eenmaal boven hadden we een fantastisch uitzicht. Ik vroeg iedereen om te kijken waar ze nou vandaan waren gekomen. Dat begrepen ze: als je terugkijkt, zie je de vooruitgang. Die reflectie is nodig.

Reflecteer jij vaak?
Ja, met regelmaat. Maar ik vind visie juist ook belangrijk. Er moet een stip aan de horizon zijn. Wie geen lessen uit het verleden leert, mist de kans om sterker naar boven te gaan. Zeker als je jong bent. Dat heb ik ook meegemaakt. Dan ren je naar boven, het enige waar je mee bezig bent, is dat rennen. Voor mij is die race meer een reis geworden. Enkele weken terug ben ik in Zuid- Afrika geweest. Dat was alleen voor mezelf. Het was een ‘leadership journey’ en ik was daar met een groep. Hoe sterk je ook bent, het is ook goed om kwetsbaar te zijn. Daarmee kun je verder leren. Zo’n reis bevestigt elke keer hoe belangrijk rust is. Soms word je namelijk geleefd door je agenda. De stilte in Afrika en de reflectie hebben een uitwerking op hoe je beslissingen neemt. Het verheldert. Soms kan een minuut reflectie en concentratie op je adem al genoeg zijn.

 

 

Waarom vond je dat je naar Zuid-Afrika moest gaan?
Ik vond dat het weer tijd was om in mezelf te investeren. De verhuizing van Australië naar Nederland moest een plek krijgen. Daarnaast heb ik zakelijk een andere stap gemaakt en meteen een heftig eerste jaar gehad. Bakkersland heeft in de verkoop gestaan. Toen werd er aan alle kanten aan me getrokken. Ik probeerde als een gek tempo te maken, het bedrijf te leren kennen en de verkoop vorm te geven. Toen dat achter de rug was, heb ik nog wat andere zaken opgepakt, maar ik had minder tijd voor mezelf. Dat los je niet meer op in een dagje.

Heb je het naar je zin bij Bakkersland?
Ik heb me wel eens afgevraagd ‘wat doe ik hier?’. Ik kom natuurlijk uit een compleet andere wereld. Maar ik ben er wel uit. Ik zit nu op een hele goeie plek waar ik mijn ei kwijt kan, in een mooi bedrijf met gepassioneerde mensen. En ik kan helpen de organisatie verder te ontwikkelen. De organisatie en de mensen groeien, maar ik zelf ook.

Bakkersland omvat achttien bakkerijen, dat lijkt complex?
We zijn uiteraard bezig geweest om dat te versimpelen. Versimpelen hoort bij professionaliseren; als we die complexiteit niet kunnen uitleggen, dan is er iets niet goed. En dan praten we er graag met iedereen uit het bedrijf over, in plaats van met slechts een paar mensen. Dan krijg je de ideeën vanuit alle lagen. De strategie hebben we een jaar geleden met een team van 35 mensen uitgewerkt. Je zou kunnen denken dat dat het proces vertraagt, maar je creëert juist draagvlak. Die strategie voeren we nu uit en we vertalen die naar alle geledingen in het bedrijf.

Wat vind je het lastigste aan je rol?
Om mensen mee te krijgen. We praten over die ene beweging en je moet de mensen mee zien te krijgen. Je bouwt een team om je heen waar je vertrouwen in hebt. Ik weet wel dat er hiërarchie moet zijn, maar ik geloof eerder in cirkels. Iedereen heeft een rol in de cirkel, met mij als eindverantwoordelijke daarin. We moeten allemaal onze passie demonstreren en hetzelfde verhaal vertellen. Hoe meer mensen dat doen, hoe gemakkelijker het wordt. We moeten op het pad blijven en niet afgeleid worden. Mocht er iets voorbijkomen dat terecht voor afleiding zorgt, dan nemen we die kans mee op dat pad. En je moet het geheel aangesloten houden.

 

 

 

 

Waar moet jij zelf nog in groeien?
Ik wil altijd sneller dan ik kan. Dus ik moet checken of iedereen nog in de trein zit. Ik kan groeien in hoe je meer uit mensen haalt en hoe ik mensen beter kan helpen groeien. Ik ervaar een spanningsveld tussen loslaten en zelf doen. Gelukkig werken er veel goede mensen om me heen, zodat ik veel kan loslaten. Soms merk ik wel dat ik sommige dingen te veel bij me houd, dus ik mag nog wel meer loslaten. Of, op cruciale momenten, trek ik het weer naar me toe. Ik geloof dat dat wel echt met ervaring te maken heeft. Ieder jaar word ik daar weer beter in.

Hoe past politiek bedrijven bij je?
Ik gebruik vaak ‘put the fish on the table’. Ik houd niet van politiek. Ik kan het niet eens. Ik wil transparant werken en zeggen wat ik voel. Transparant zijn en zeggen wat je voelt, dat is moeilijk voor de meesten. Als je in een bedrijf komt waar dat niet normaal is, kost het tijd en vertrouwen om erachter te komen dat je kop er niet af gaat. Wij stimuleren het juist, we vragen mensen telkens weer hoe ze ergens over denken. Mensen mogen zich uitspreken bij ons, dat is ook in het verlengde van onze kernwaarden. En je moet laten merken dat je hen ook serieus neemt. En maak je fouten, dan moet je die ook erkennen. Dan komt die kwetsbaarheid weer terug en win je volgens mij aan kracht.

Wat is jouw succesfactor?
Leiderschap in combinatie met resultaatgerichtheid. Die twee zijn goed in balans. Je hebt resultaatgerichtheid ook nodig om de externe focus te behouden.

Hoe leg je verantwoording aan je stakeholders af?
Ze laten me met rust, maar wanneer ik ze nodig heb, zijn ze zeer betrokken. Uiteindelijk ligt de bal bij mij. Ze ondersteunen en helpen me, ze zijn kritisch en ze dagen me uit om het beter te maken. Dat ervaar ik als een heel goede band.

Hoeveel uur ben je met je werk bezig?
Dagelijks tussen de 12 en 14 uur. En de weekenden gaan ook door. Dus ik werk ongeveer tussen de 70 en 80 uur per week. Omdat ik die stilte in Afrika ervaren heb, vind ik het belangrijk om nu kleine rustmomenten in te lassen. Ik zit vaak in zo’n hectische flow. Maar het maakt het wel lastig dat ik mijn gezin weinig zie. Ik moet toch wel manieren vinden om, als ik daar ben, ook écht daar te zijn. Het gebeurt wel eens dat ik thuiskom en dat mijn vrouw of kinderen mij iets vragen en dat ik dan achteraf denk ‘hé, ik was er helemaal niet bij’.

Hoe zou je dat anders moeten doen?
Bewust tijd vrijmaken. Als ik te hard werk in bijvoorbeeld zo’n eerste jaar, dan is het te eenzijdig en verlies ik energie. Daarom wissel ik het af met sport en andere vrijetijdsbesteding. Dan kom ik meer in balans. Daarom is zelfreflectie ook belangrijk; om jezelf te corrigeren.

Hoe was dat in Australië?
De balans was beter. De gekte is in Australië anders. Iemand komt om acht uur ‘s ochtends met z’n pick-up binnenrijden en dan heeft hij al een uurtje gesurft. Dan begin je al lekker. De weekends voelen aan als vakantie: het is lekker weer en je bent op het strand. Dus je ontlaadt sneller en je laadt ook weer sneller op. Het was voor mij een tsunami toen ik in Nederland terugkwam. Door het verkoopproces had ik geen tijd meer om over de mooie momenten in Australië na te denken.

Tijd is een schaars goed. Heb je tips?
We moeten creatief zijn en experimenteren of iets anders beter werkt. Dat levert altijd bruikbare ideeën op. We voeren één-op-ééngesprekken, waar een vaste tijd voor gepland staat. Kan daar geen kwartier van af? Dat dwingt je om scherper op de inhoud te zijn. We kijken ook naar hoe we onze tijd beter kunnen benutten. In Australië deden we aan ‘speed thinking’: uit spontaan de eerste tien ideeën die in je opkomen. Daar krijg je een kwartier voor. Daarna kies je de drie beste ideeën uit en bekijk je hoe je die kunt realiseren. We hebben exercities gehad waarin we in bij wijze van spreken een uur een strategisch probleem in mootjes hakten, waar we anders drie maanden over deden. Een staande meeting werkt ook beter dan een zittende, is mijn indruk.

Wat zou een mooiere baan zijn dan die van nu?
Profvoetballer. Ik ben lang ermee bezig geweest of ik daar succesvol in kon zijn. Ik had talent. Ik speelde hoofdklasse junioren in Nijmegen. Toen mocht ik kiezen uit verschillende clubs, maar op dringend advies van mijn vader ben ik in het dorp gaan voetballen. Mijn voetbalambitie heb ik toen in de ijskast gezet. Dat was een groot leerpunt achteraf: ‘en, en’ kan ook. Ik ben nu bezig met iets moois, maar ik sluit niet uit dat ik ook andere initiatieven ga ontplooien. Ik heb wel eens overwogen om een onderneming te beginnen met ‘leadership journeys’. Kwestie van prioriteiten stellen. Maar voor nu vind ik de operationele kant van mijn werk boeiend: creëren en realiseren, dat geeft voldoening.  

© 2018 Günther + Van Grinsven - Dorpsstraat 74 3732 HK De Bilt - info@geng.nl - 030 63 509 63