https://geng.nl/inspiratie/interview-met-isabelle-spindler-jacobs/
Günther + Van Grinsven

Interview met Isabelle Spindler- Jacobs - Directeur Thuisverbruik Vrumona

"Het werk spreekt me zo aan dat ik geen punt maak van de lange dagen."
Interview met Isabelle Spindler- Jacobs
Directeur  Vrumona, oktober 2007

Evelyn Günther is columniste van FoodPersonality en wisselt de rubriek maandelijks met Josceline Bogaers. Evelyn interviewt directieleden en senior managers uit de FMCG over hun visie op leiderschap, hun dromen en hun ergernissen. Dit keer: Isabelle Spindler- Jacobs - Directeur Thuisverbruik Vrumona.

 

Vertel eens iets over je achtergrond.
Toen ik van school afkwam, wilde ik een eigen drogisterij beginnen omdat ik in die schooljaren in een drogisterij bijverdiende. Maar iedereen ging studeren en ik dacht ‘Laat ik dat dan ook maar doen’; rechten. Maar gaandeweg bleek ik meer met commercie te hebben. Na de studie heb ik een werkcollege commerciële beleidsvorming aan de Erasmus Universiteit gevolgd. Vanaf 1990 werkte ik bij Nutricia vijf jaar in marketing en twee jaar in account management. Vervolgens ging ik naar Bols en werd daar marketingverantwoordelijke voor de likeuren. Bols was toen nog BolsWessanen en de drankenpoot verkeerde in een overgangsfase, die begrijpelijkerwijs weinig met passie en enthousiasme van doen had. Ik vertrok na 2,5 jaar en kwam bij Heineken-export terecht. Gezien mijn ervaring was het geen bijzondere stap, maar die baan was geweldig, want ik reisde de helft van mijn tijd de wereld over. Ik verkocht bier aan luchthavens en ‘travel retail’. Nu eens in het Verre Oosten, dan weer in Amerika. In 2001 werd ik gevraagd om hoofd van de afdeling customer service te worden. Een heel andere functie. Dan zit je opeens aan de logistieke kant, een afdeling met bijna 50 mensen die verantwoordelijk zijn voor de distributie van het bier en het pos-materiaal over de wereld. We zaten midden in een groot SAP-project. Ik ben toen gaan beseffen hoe leuk ik leidinggeven vind. Als ik eraan kan bijdragen dat mensen zich ontwikkelen, geeft me dat voldoening. Na 2,5 jaar ben ik marketing manager bij Vrumona geworden. Dan ben je eindverantwoordelijk voor marketing. Ik had vier ‘brand teams’ voor onze 15 merken: eigen merken en merken van licentie- gevers. Sinds 1,5 jaar ben ik verantwoordelijk voor thuisverbruik.

Ben je meer marketeer of meer een salespersoon?
Ik heb altijd gedacht dat ik meer marketeer was, maar nu vind ik sales zoveel mooier omdat je echt iedere dag met je business bezig bent. Ik krijg veel energie van deals sluiten en met retailers werken.

Wat zou je achteraf, met deze sales-ervaring, anders hebben gedaan als marketing manager?
Soms kan marketing te theoretisch zijn. Retailers staan meer met twee benen op de grond, dichter bij de consument dan marketeers. Ik zou dat dichter bij elkaar hebben gebracht: in multidisciplinaire teams, zodat marketing moet samenwerken met sales, trade marketing en space management. Zodat iedereen beter weet wat er in de supermarkt gebeurt en wat de shopper doet.

Zou niet iedere marketeer die nieuwsgierigheid en wil tot samenwerken moeten hebben?
Ja. Maar als puntje bij paaltje komt is iedereen druk bezig met zijn eigen doel en is het moeilijk om die samenwerking goed te borgen. Met concrete doelstellingen kun je dat nog beter. Wat prettig en slagvaardig werkt, is dat wij als management van Vrumona alle commerciële beslissingen samen nemen. Dan handel je ook sneller dan dat je eerst allerlei afdelingen iets moeten laten uitzoeken.

Wat vind je nog meer belangrijke succesfactoren?
Diversiteit. Ik kijk naar het team in zijn geheel. Natuurlijk kijk je naar de beste kandidaat, maar ook naar de verhouding man- vrouw en verschillende type mensen. Ik had bijvoorbeeld in elk ‘brand team’ een man en een vrouw. Generaliserend gezegd, mannen handelen meer op grond van feiten en vrouwen meer via intuïtie. Ik vind vrouwen mensgerichter. Ik probeer ook bij mijn vertegenwoordigers een betere balans tussen mannen en vrouwen te krijgen: een uitdaging voor de komende jaren.

Ergert dat gebrek aan diversiteit je?
Ik vind wel dat we met de diversiteit zowel in sekse als in achtergrond nog een slag moeten slaan, in het hele bedrijfsleven. Ik had gisteravond een zakelijke meeting waar er van de veertig mensen vier vrouw waren. Het is meer een zorg dan een ergernis, maar uitspraken van mannen over dit onderwerp, eigenlijk de ontkenning hiervan, kunnen mij wel irriteren. Diversiteit stimuleert een goede bedrijfsvoering. De topbestuurders moeten vanuit hun hart vinden dat er iets moet gebeuren - en niet vanuit fatsoen of plichtmatigheid, dan verandert er niks. Het is geen soft onderwerp, want diversiteit kan bijdragen aan een beter resultaat en meer overwogen beslissingen.

 

Wat doe jij daaraan binnen Heineken?
Het is bij Heineken serieus op de agenda gezet, een belangrijke eerste stap. Dat we met een werkgroep zijn gestart, klinkt ambtelijk, maar het is een begin. Er is nog een hoop werk aan de winkel.

Wat vinden jouw mensen van je?

Ik denk ‘open en eerlijk’. Ik communiceer open en dat is soms best lastig voor anderen omdat ik ook vervelende boodschappen overbreng. Ik denk dat ik er wel om gewaardeerd word dat ik zeg waar het op staat, zoals ik het echt voel, met de bedoeling om anderen verder te helpen. Ik heb er geen agenda achter zitten. Bij de handel heb ik dat ook.

Wat vind je moeilijk aan je huidige werk?
Dat sommige retailers zich niet altijd aan gemaakte afspraken houden, ondanks jaarafspraken. Komen ze toch weer met allerlei excuses. Ik vind dat je goed met elkaar moet samenwerken, afspraken maken en nakomen en ook ‘voor wat hoort wat’. We zijn bereid in van alles te investeren, maar daar willen we ook iets voor terughebben. Ik spreek duidelijk uit - de account managers ook - wat ik verwacht. Gezien de Industributiescore vorig jaar denk ik dat retailers dat waarderen. Verder moeten retailers en fabrikanten meer met elkaar delen. Retailers hebben meer dan fabrikanten angst om informatie te delen, waardoor het te veel eenrichtingsverkeer wordt. Natuurlijk is het een concurrentiegevoelige markt, maar iets meer openheid zullen de resultaten ten goede komen.

En leermomenten?
Vroeger wilde ik altijd aardig gevonden worden. Door leiding te geven en met klanten te onderhandelen leer je dat los te laten. Het kan gewoon niet altijd.

Waar ben je trots op?
Ik ben niet zo’n borstklopper. Maar Vrumona in z’n geheel kan trots zijn op de introductie van ‘pet-mono’. Dit hebben we echt van een bedreiging naar een kans weten om te buigen. Het was voor Vrumona de grootste operatie uit haar geschiedenis. Alle afdelingen waren erbij betrokken, mooi om te zien hoe iedereen hiermee omging, en nu een groot succes.

Wat vind je dat je nog beter kunt doen met je team?
Vrumona mag wat mij betreft nog gekker en stouter zijn. Meer de rol van uitdager vervullen.

Hoe zit het met jouw werk-privébalans?
Het werk spreekt me zo aan dat ik geen punt maak van de lange dagen. Ik woon in Rotterdam en rij vóór de file weg naar Bunnik. Meestal ben ik rond een uur of 7, half 8 weer thuis. Maar ik ben niet alleen maar aan het werk. Mijn man en ik hebben sinds dit jaar een nieuwe hobby: varen. Nadat we een paar keer met vrienden mee waren gegaan, besloten we een boot te kopen. We zijn voor het eerst in eigen land op vakantie geweest, naar Friesland en Noord-Holland. En echt, Nederland vanaf het water is een volstrekt andere ervaring. Wij genieten enorm van de boot. Het is dicht bij de natuur, het gaat langzaam; je krijgt een vakantiegevoel zodra je aan boord stapt.

Kom je nog toe aan andere dingen in je vrije tijd?
Jazeker, ik heb al ruim 15 jaar een hechte vriendinnenclub waar ik iedere maand mee uiteten ga. Goed te combineren met een andere liefhebberij: lekker eten. Ook sport ik geregeld. En ik dans, salsa en meringue. Alleen kom ik daar de laatste tijd minder aan toe. Die dansfeesten beginnen vrijdagavond laat en ik wil na een werkweek het liefst lekker op de bank. En ik lees graag, vooral biografieën en thrillers.

 

© 2018 Günther + Van Grinsven - Dorpsstraat 74 3732 HK De Bilt - info@geng.nl - 030 63 509 63